Franse werkwoorden: ingewikkeld?

Met 6 tips voor het leren van Franse werkwoorden

Door Liesbeth Veenvliet
6 oktober 2025
page.currentLocaleContent.metaTitle

Ik ga je meenemen in een stukje geschiedenis, om duidelijk te maken hoe 'werkwoorden werken' in diverse talen in vergelijking tot de Franse werkwoorden. En vandaar uit ga ik je een paar handige tips geven voor het leren van werkwoorden!

Wil je gelijk naar de tips, dan sla je het eerste gedeelte gewoon even over.

(Reclaimer: Ik ben een onderwijskundige, geen taalkundige, maar ik vind alles wat met talen te maken heeft hevig interessant. Ik probeer dan ook alles tot op de bodem uit te zoeken voor ik het opschrijf. Mocht je desondanks een foutje zien of nog aanvullingen hebben, laat het me weten!)

Waarom zijn Franse werkwoorden zo ingewikkeld?

Waarom zijn die werkwoorden in het Frans toch zo ingewikkeld? Waarom zijn er zoveel verschillende vervoegingen?

Je regarde, maar tu regardes en nous regardons, maar vous regardez.

In het Nederlands heb je bij regelmatige werkwoorden in de tegenwoordige tijd de vormen:

  • de stam (maak),
  • de stam + t (maakt) en
  • de stam + en (maken).

Veel meer is het niet!

Waarom zijn werkwoorden in het Frans dan zo ingewikkeld gemaakt? Of is het andersom en hebben we het in het Nederlands juist eenvoudig gemaakt?

Het Nederlands is versleten

Het blijkt toch het laatste te zijn: we hebben het in het Nederlands in de loop van de tijd enorm vereenvoudigd.

Ik ben gaan zoeken en in het Oud-Nederlands waren er wel degelijk verschillende uitgangen voor de persoonsvormen!

  • ik maak - ic macon
  • jij maakt - thû macos
  • hij maakt - he macot
  • wij maken - wi macon
  • jullie maken - gi maket
  • zij maken - sia macunt

(bron: Geschiedenis van de Nederlandse taal(1997)–J.M. van der Horst, J.A. van Leuvensteijn, W. Pijnenburg, M.C. van den Toorn)

Deze uitgangen zijn in de loop van de tijd dus gewoon weggesleten! Misschien wel omdat het Oud-Nederlands (500-1000) ouder is dan het Oud-Frans (800-1400), ik weet het niet…

Latijn: Geen 'ik', 'jij' of 'zij'

Er is nog een andere reden voor de verschillende uitgangen in het Frans.

Nederlands is een Germaanse taal, maar de Franse taal heeft haar oorsprong in het Latijn. In het Latijn wordt het persoonlijke voornaamwoord doorgaans niet gebruikt, maar laat de uitgang van het werkwoord zien om welke persoon het gaat. En ook in veel Latijnse talen, zoals Spaans en Italiaans, is dit het geval.

Fai’ betekent in het Italiaans al ‘jij maakt’. Je hoeft dus niet ‘tu fai’ te zeggen! Dit kan dus alleen als de uitgangen van de persoonsvorm allemaal verschillend zijn, anders zou je in de war raken en weet je niet meer over wie het gaat.

Kijk hier maar eens naar! De uitgangen in Italiaans en Spaans zijn verschillend en je spreekt ze ook anders uit.

Het Portugees heb ik maar een weggelaten... In het Portugees worden de persoonlijke voornaamwoorden ‘eu’, ’tu’ en ‘nós' (ik, jij en wij) weggelaten, de andere worden dan weer wel gebruikt!

Oorspronkelijk allemaal anders

De Latijnse werkwoorden kenmerken zich dus onder andere doordat elke uitgang anders is. Als het Frans van het Latijn afstamt, dan zou je denken dat ook in het Frans oorspronkelijk alle uitgangen van elkaar verschillen.

Dus ben ik gaan zoeken naar hoe het werkwoord Faire in het Oud-Frans vervoegd werd, en wat denk je? De vormen van het werkwoord 'faire' waren vroeger:

  • eo faz
  • tu fais
  • il fait
  • nous faimes
  • vous faites
  • ils font

(bron: http://monsu.desiderio.free.fr/curiosites/faire.html)

Allemaal anders dus!

Frans is (inmiddels) de taal die het verst afstaat van het oorspronkelijke Latijn. In het Frans worden wél persoonlijke voornaamwoorden gebruikt.

Tips voor het leren van Franse werkwoorden

Net als in het Latijn, zit er veel systeem in de Franse werkwoorden. Vanuit dat gegeven kan ik je een aantal tips geven om het leren van Franse werkwoorden makkelijker te maken:

Tip 1: leer eerst de werkwoorden op -er

Veel werkwoorden eindigen op -er. Deze werkwoorden 'gaan' allemaal hetzelfde.

De werkwoorden op '-er' vormen met zo'n 80% verreweg de grootste groep regelmatige werkwoorden. Kun je er één vervoegen, dan ken je ze allemaal! Dus ook een werkwoord dat je voor het eerst hoort.

Neem bijvoorbeeld het werkwoord 'parler':

  • je parl+e
  • tu parl+es
  • il parl+e
  • nous parl+ons
  • vous parl+ez
  • ils parl+ent

Deze werkwoorden zijn meestal niet zo moeilijk. Een aantal van deze werkwoorden zul je herkennen omdat ze ook in het Nederlands terecht zijn gekomen!

  • adorer is adoreren (ofwel aanbidden)
  • s’ amuser is zich zich amuseren (ofwel zich vermaken)
  • arriver is arriveren ofwel aankomen
  • continuer is continueren ofwel doorgaan

En zo kan ik er nog wel 20 noemen!

Leer dus eerst de werkwoorden op -er!

Tip 2: de uitspraak is hetzelfde

Deze tip gaat over de uitspraak. Het is makkelijker dan je denkt! De meeste uitgangen klinken namelijk hetzelfde:

De eind -e, eind -s en de eind -ent van werkwoorden spreek je niet uit!
Ofwel: alleen de uitgangen van 'nous' en 'vous' spreek je dus in feite uit!
Hier zie je bijvoorbeeld de schrijfwijze en uitspraak van het werkwoord 'regarder' (kijken):

Tip 3: groepen werkwoorden vergelijken

De Franse werkwoorden zijn ingedeeld in groepen (net als in het Latijn). Gelukkig zijn het er maar 3 (en niet 5 zoals in het Latijn).

  • Groep 1 zijn de werkwoorden op '-er' (parler). Hier hebben we het al uitgebreid over gehad.

De andere twee groepen lijken qua vervoeging best wel op groep 1:

  • Groep 2 zijn de werkwoorden op '-ir' (zoals 'finir').
  • Groep 3 zijn de werkwoorden op '-re' (zoals 'vendre').

(Ik volg de Van Dale Franse Grammatica qua indeling van groep 3).

De vervoegingen groep 2 en 3 verschillen dus niet zo heel veel van groep 1. Dus ken je de werkwoorden op '-er' eenmaal goed, zet dan de andere werkwoorden er eens naast en vergelijk!

Je hoeft dan alleen te leren wat er anders is!

Tip 4: onregelmatige werkwoorden.

'Être' en 'avoir' zijn uiteraard de meestgebruikte werkwoorden. Leer ze dus goed! Ze zijn onregelmatig. Net als in het Nederlands overigens: 'ik ben', maar 'hij is' en 'ik heb' maar 'hij heeft'. In onze werkwoordcursus bieden we ze aan in combinatie met 'aller' en 'faire', nog twee van deze veelgebruikte werkwoorden die op vergelijkbare wijze vervoegd worden.

Verder is er nog een aantal onregelmatige werkwoorden, zoals prendre, dire en savoir. Het zijn er niet zoveel (zoals bijvoorbeeld in het Engels) en ze worden wel veel gebruikt. Leer ze dus goed, dat gaat je enorm helpen.

In onze werkwoordcursussen komen de onregelmatige werkwoorden aan bod op een logische volgorde, zodat jij ze makkelijker leert.

Tip 5: verleden en toekomstige tijd

Okay, misschien ben je net begonnen met Frans leren. Dan is deze tip niet voor jou!

Ben je al wat verder en wil je je graag kunnen uitdrukken in de verleden en toekomstige tijd en in de Franse taal veelgebruikte conditionnel, dan heb ik goed nieuws voor je!

Uitgangen in de verleden en toekomstige tijd en conditionnel zijn in alle groepen en ook bij de onregelmatige werkwoorden hetzelfde. Je zult ontdekken dat deze uitgangen eenvoudig te leren zijn. Het enige wat je wel moet weten is: wat is de 'stam' waar ik de uitgang achter plak.

Bijvoorbeeld:

  • Verleden tijd: je parlais
  • Conditionnel: je parlerais (zelfde uitgang, maar deze komt nu achter het hele werkwoord)
  • Futur Simple: je parlerai (uitgang ontleend aan het werkwoord avoir, deze komt achter het hele werkwoord)

Onregelmatige werkwoorden hebben overigens een afwijkende stam: ik zal zijn: je serai.

Meer leren over de Franse werkwoorden?

De Franse werkwoorden en -tijden en wijzen bevatten veel meer logica dan je denkt!

In de Cursus Franse Werkwoorden voor beginners van Leernufrans leer je elke les 1 werkwoord stap voor stap.

Je leert de uitspraak en bouwt met diverse voorbeeldzinnen aan een handige woordenschat.

Verder leer je diverse werkwoorden die op dezelfde manier gaan. Zo leer je in 12 lessen meer dan 40 werkwoorden gebruiken. Inclusief Memotrainer: leren door de kracht van herhaling.

Ben je al enigszins thuis in de werkwoorden, dan raad ik je de Cursus Franse Werkwoorden voor intermediates aan.

Ook weer elke les 1 werkwoord, maar daarnaast ook verschillende tijden en ‘wijzen’. Ook hier leer je met behulp van voorbeeldzinnen de stof praktisch toepassen.

Ook in deze cursus laten we zien welke werkwoorden op dezelfde manier gaan als het voorbeeldwerkwoord. Zo leer je in 24 lessen meer dan 100 werkwoorden kennen. Inclusief memotrainer om dagelijks te oefenen: leren door de kracht van herhaling.

LeerNuFrans is een product van Learningbird

info@leernufrans.nl

085 401 7660

KVK: 08215232 (Learningbird)

BTW-id: NL001864912B66

IBAN: NL49 RABO 0378 2054 71

ook wij gebruiken cookies:

  • om onze website goed te laten werken
  • voor marketingdoeleinden.

Meer informatie over de cookies kan je vinden in ons privacyverklaring

nee, liever niet

website gebouwd door softwarevoorjou.nl